Fragment van krantenknipsel, vermoedelijk OSC 1968. Thijs van Veen (1886-1978) trouwde in 1916 met Anna Prins (1893-1966). Hun zoon Kornelis is jong verdronken in de kolk voor de kerk (1919-1925). Er waren nog vijf kinderen, van wie Joost de op twee na jongste was. Meester Klaas Jan Krol (1857-1888) Na het overlijden van hoofdonderwijzer Hendrik Venema op 6 augustus 1883, werd in november benoemd tot schoolhoofd “K. Krol, onderwijzer aan de herhalingsschool te Groningen” (NvdD 24.11.1883). Een herhalingsschool betrof avondonderwijs aan jongeren boven de veertien jaar, een soort vervolgonderwijs. In het bevolkingsregister vinden we de volledige naam van het schoolhoofd: Klaas Jan Krol, geboren 31 december 1857 te Amersfoort, NH, ongehuwd. Dan zijn de initialen op de twee aquarellen niet H.H. maar K.K. Dat meester Krol goed kon tekenen, zat kennelijk in de familie. Zijn broer Evert was tekenaar, huisonderwijzer. Klaas Jan Krol is niet lang hoofd der school in Kerkbuurt geweest. Hij overleed op 3 augustus 1888, dertig jaar oud, “na een langdurig en smartelijk, doch geduldig lijden” Rouwannonce Nieuws van den Dag 08.08.1888. Klaas Jan Krol (31.12.1857 - 03.08.1888). Familie Krol De ouders van Klaas Jan Krol waren Dirk Jans Krol (Sneek 1823 - Groningen 1879) en Maria Rahel van Sweden (Amersfoort 1835 - Alkemade 1905). Vader was ijkmeester geweest. Zijn weduwe wordt in het bevolkingsregister van Blankenham vermeld als Maria Rachel van Sweeden, gezinshoofd. Elders luidt haar tweede voornaam meestens Rahel, soms Rakel. Toen Klaas Jan, op twee na oudste in het gezin, in Blankenham werd benoemd, verhuisde moeder met de nog ongehuwde kinderen mee. Jan Evert (*1855), Evert (*1856) en Johannes (*1859) waren de deur al uit. Albartus (1861-1882) was reeds overleden. Jan Evert emigreerde in 1885 naar Fort Omaha, Nebraska (USA). Na de dood van Klaas Jan vertrok moeder in september naar Sassenheim. Dochter Albarta (1863-1915) was reeds in 1884 vertrokken naar Feijenoord, ging later naar Rottterdam; zij bleef ongehuwd. Dochter Dieuwke (1866-1938), meegegaan naar Blankenham, slaagde in oktober 1885 te Zwolle voor haar onderwijsakte en kreeg in april 1886 een benoeming te Lisse. Vermoedelijk bleef ook zij ongehuwd. Dochter Sophia Maria (1868-1948) ging met moeder mee naar Sassenheim. Zij is overleden te Leiden. Wellicht ook ongehuwd gebleven. Ook zoon Hermanus Everhardus ging met moeder mee; hij was toen veertien jaar. In Blankenham had het gezin Krol tweede helft 1887 een commensaal, een kostganger: onderwijzer Johannes Stuitje (16.04.1867-21.04.1947), zoon van Ossenzijler winkelier Pieter Stuitje en Trijntje(n) Kuik. Eind 1887 vertrok Johannes Stuitje naar Deventer. Hij is overleden te Warnsveld.


Dijkkrant Blankenham november-december 2015