In de Dijkkrant 2013-3 kwam Margje al even ter sprake. Het onderstaande is samengesteld uit herinneringen van Janneke van Gelder, van Anny de Dreu-Oosterhof, van Hilde Mietus, indertijd ouderling NH-kerk Heerlen, uit gegevens van Kerkelijk Bureau Heerlen en uit eigen naspeuringen.

Levensloop
Margjen – noemde zich later Margje – is geboren 28 maart 1903 uit het tweede huwelijk van haar vader. Klaas Brandsma (1859-1957) was timmerman; hij trouwde in mei 1885 met Trijntje Koning (1861-1899). Zij hebben gewoond Kerkbuurt 15 te Blankenham. Het echtpaar kreeg negen kinderen, van wie er minstens drie als baby zijn overleden en de laatste levenloos werd geboren. Na de dood van Trijntje begin 1899 hertrouwde Klaas maart 1900 met Jeltje Wagter (1870-1949). Het eerste en het derde meisje kwamen levenloos ter wereld, het jongste zoontje werd negen maanden oud. Na Margje in 1903 diende Jan Johannes zich aan in 1907; hij vertrok met zijn vrouw Geesje Limburg en de kinderen Klaas, Bertus en Jelle in 1946 naar de Noordoostpolder.
Margje was actief als vroedvrouw, onder meer bij de geboorte van Wim en Joris van Gelder, als (officieus) maatschappelijk werkster en als leidster bij de Zondagsschool. In de consistoriekamer van de kerk leidde Margje op maandagavond de uitleen van boeken van de plattelandsbibliotheek. Mei 1946 is het predikantengezin naar Den Bosch vertrokken. Rond de geboorte van Janneke eind 1947 is Margje daar ook geweest. Na de dood van haar hoogbejaarde vader (97) in 1957 is Margje bij de familie Van Gelder in Eindhoven komen inwonen. ‘Tante Margje’ hield ook van gezelligheid en waarschijnlijk niet van alleen-zijn. Een druk gezin. De Van Gelders werkten beiden, zij ook als onderwijzeres, naast haar taken als domineesvrouw. Margje ging het huishouden bestieren.
In 1960 is Margje alsnog getrouwd in Heerlen met weduwnaar Pieter Bekker, hij overleed begin 1980. Na de rouwdienst in de NH-kerk aldaar is hij gecremeerd in Heeze nabij Eindhoven. Uit gegevens van PKN Parkstad Heerlen blijkt dat Margje is overleden op 7 juni 1996 – dus 93 jaar oud!

Een lieve, hartelijke vrouw
Mevr. H. Mietus heeft leuke herinneringen aan Margje. “Voor de Actie Kerkbalans was Margje het laatste adres van mijn wijk en altijd werd ik binnen genodigd voor een praatje en een kopje thee. Toen er eens een dik pak sneeuw lag, kwam ik totaal verkleumd bij Margje aan. Op tafel kwam een warmwaterkruik met gebreid hoesje zodat ik mijn vingers kon warmen. Ik kreeg een kop hete bouillon en mocht niet eerder vertrekken dan nadat ik was ‘ontdooid’. Haar man had klokken verzameld. In haar flat stonden en hingen er zeker zeventien, waarvan de meeste niet liepen om niet hoorndol te worden van het getik. Slechts twee klokken sloegen de uren – maar zo ingesteld dat ze na elkaar sloegen. Zover ik weet, is zij niet meer uit Heerlen vertrokken en ook hier overleden.”

Logeren in Blankenham
Herinneringen van Janneke van Gelder (*1947) aan ‘tante Margje’ en haar vader van vóór 1957.
“Ik kan me herinneren dat wij, toen wij klein waren, wel eens logeerden bij de Brandsma’s. Ik vond dat een sensatie. Ik was een stadskind en dat buitenleven was zo anders. Je moest bijvoorbeeld helemaal naar buiten naar een hokje apart aan het huis om je behoefte te doen. Er zat een gaatje (hartje?) in de houten deur. En dan in de winter...... We hadden ook als we dan boven sliepen een po onder onze bedden. En als je dan daar liep op die bovenverdieping, dan liep dat schuin omhoog of omlaag. Net waar je liep. Als je omhoog liep, leek het voor mij alsof je naar de hemel liep. Achter was de kolk en daarin gingen we wel eens vissen, ook zo’n buitengebeuren, dat je niet in Eindhoven ging doen. Er liepen schapen en koeien in de wei en eens, toen tante Margje een dagje uit was, moesten wij de schapen (of geiten?) melken. Dat was een karwei voor stedelingen en uiteindelijk hadden we de verse moeizaam verkregen melk in een kannetje gedaan, waarin zure melk stond en toen was alles bedorven... Ik vond het altijd heel leuk om erheen te gaan. Kan me vaag een oude man herinneren, die haar vader was. Die zat in mijn herinnering altijd in een stoel.”

Dijkkrant Blankenham november-december 2013

Onlangs een mail van Janneke van Gelder. Haar ouders kwamen, pas getrouwd, zomer 1942 in de pastorie van Blankenham wonen. Een nicht maakte Janneke attent op onze drie artikelen over het domineesgezin Van Gelder en de twee Joodse onderduikertjes met dezelfde achternaam, maar geen familie. Het werd het begin van veel mailverkeer, met nu een paar correcties en aanvullingen. Alle  informatie komt in één groot samenhangend artikel in De Silehammer 22/1 van maart 2014. De kinderen Max en Leo van Gelder, eigenlijk Mozes en Lazarus, geboren 7 maart 1939, zijn slechts kort in Blankenham geweest, ergens tussen juli 1942 en mei 1943, omdat zij nadien op een ander adres nog hun ouders hebben gezien, die zijn omgebracht in vernietigingskamp Sobibor op 21 mei 1943. Janneke heeft nog steeds contact met Max en Leo. Zij wensen in de luwte te blijven.

Gezin van ds. Van Gelder

Willem (Wim) van Gelder is geboren 18 juli 1916 in Barendrecht en overleden 20 februari 1992 te Amsterdam, alwaar begraven op Zorgvlied. Hij trad op 25 juni 1942 in het huwelijk met Annetje (An) Staat, geboren 20 november 1916 in IJsselmonde, overleden 14 januari 2005 te Egmond aan Zee en aldaar begraven. Door ons is zij eerder foutief vermeld als Anneke. Drie kinderen:

  • Willem (Wim), geboren 23 juli 1943 te Blankenham.
  • Joris Jan, geboren 17 januari 1945 te Blankenham.
  • Janneke, geboren 31 december 1947 te ’s- Hertogenbosch.
Tekst van mw. Van Gelder over de oorlogsjaren

Die tekst is volgens de kinderen waarschijnlijk geschreven ter gelegenheid van de vijftigjarige herdenking van de Bevrijding in 1995 op verzoek van de Hervormde Gemeente te Blankenham. Na de gebeurtenissen in augustus 1944 is ds. Van Gelder opgepakt. Toen zijn vrouw hoorde dat hij bij vliegveld Deelen zou zitten, ging zij, hoogzwanger van hun tweede kind, op een geleende fiets erheen, een tocht van drie dagen met spannende momenten bij de IJsselbrug bij Zwolle. De laatste nacht bracht zij door in een pastorie en zag daar een bontjas hangen. Zij mocht die lenen, kwam aldus uitgedost bij de strafgevangenis in Arnhem en liet zich aandienen als “die Geliebte des Kommandanten”. Haar bluf hielp. Ds. van Gelder kwam vrij vlak voor Kerst 1944, maar dat werd uit veiligheidsoverwegingen vooralsnog niet rondgebazuind. Toen zoon Joris Jan in januari 1945 werd geboren, waren zijn kansen op overleven niet gunstig. Mede daarom werd besloten hem snel te dopen. De dienst zou geleid worden door dominee Bas van Gelder, de broer van Wim van Gelder, die hem destijds ook in het ambt had bevestigd. De kerk zat bomvol. Toen de doopdienst begon, kwam niet Bas, maar Wim zelf naar voren om de dienst te leiden, alhoewel hij ondergedoken was. De meeste mensen in Blankenham dachten dat hun predikant was doodgeschoten, zoals aangekondigd op plakkaten. Of op zijn minst nog gevangen zat. Er ging een enorme schok door de kerkgemeenschap, toen de mensen hun eigen, dood gewaande predikant in levenden lijve zagen binnenkomen.

Willem (Wim) van Gelder en Annetje (An) Staat. Trouwfoto 25 juni 1942 [scan van fotokopie].
Volgende keer: Herinneringen van Janneke van Gelder aan Margje Brandsma en logeerpartijtjes bij de Brandsma’s in Blankenham.

Dijkkrant Blankenham september-oktober 2013

Zoals eerder vermeld, zaten deze twee joodse onderduikertjes in de pastorie van ds. Willem (Wim) van Gelder en zijn vrouw Anneke Staat in Blankenham – dezelfde achternaam, geen familie. Dankzij connecties van dr. Jan Ridderbos en eigen onderzoek weten we inmiddels meer details. De ouders van de tweeling waren Benjamin van Gelder en Sophia Weinberg. Hun laatst bekende adres begin jaren veertig: Amstellaan 27II Amsterdam. Beiden zijn omgebracht op 21 mei 1943 in Sobibor (niet Auschwitz). Andere onderduikadressen van de tweeling zijn ons niet bekend, wel weten we dat een Leo van Gelder is ondergebracht in Amsterdam bij Arnold Bruynjé, die samen met vrouw en zoon in 1998 door Yad Vashem is geëerd als Rechtvaardige onder de Volkeren. De tweeling is na de oorlog opgevoed door een oom, zo schreef mw. Van Gelder, maar niet wie dat was. Benjamin van Gelder (1905) had vijf zusters en een oudere broer Samuel (1889-1964), slager en worstfabrikant. Hoogstwaarschijnlijk zijn de twee jongens bij oom Sem in huis gekomen. Lazarus en Mozes gingen naar de joodse lagere school Rosj Pina (“De Hoeksteen”) in Amsterdam. De overlijdensadvertentie van oom Samuel van Gelder noemt, na vrouw en kinderen, nog vóór de eigen kleinkinderen, als oomzeggers:
Leo van Gelder en Lisette van Vlijmen (Kisch); Max van Gelder en Tineke Mersel.NB: Lisette bezigt bewust achternaam van overleden moeder, tussen haakjes vaders achternaam.

Afkomstig in de achttiende eeuw uit Gendringen, Achterhoek – dat verklaart de achternaam bij de naamsaanneming in 1811 – trokken de Van Gelders naar Groningen, meestal actief als slager. Vader Benjamin was koopman, venter. Wat verder terug in de familie is gebruikelijk de voornaam Leijser of Lijzer: verbastering van Eliezer (Eliazar), “mijn God is hulp”, waarvan Lazarus een latere vorm is; zelfs als Laas bekend in RK-families in Kuinre (Laas Geerts Doedel). Lazarus van Gelder en Lisette van Vlijmen zijn op 3 augustus verloofd (zijn adres Roerstraat 7, Amsterdam), getrouwd op 25 augustus 1964 – een week na het overlijden van oom Sem. Hun toekomstig adres werd Van Nijenrodeweg 762, Amsterdam-Buitenveldert. Kinderen: Belia en Bianca; vier kleinkinderen. Privacybescherming belemmert nader onderzoek. Lisette is de dochter van Hartog (Herman) Kisch (1895-1986) en Belia (Bets) van Vlijmen (1900-1959). Wellicht was zij bruidsmeisje op 1 mei 1940 bij het huwelijk van oom Isaak (Jacques) van Vlijmen en Esther (Stella) de Vries, die de Holocaust niet hebben overleefd. Hun dochter Lisette, ook Lisetje of Liesje genoemd, is geboren ca. juli 1941, want zij kwam als kind van veertien maanden oud in september 1942 bij de familie Eckhart in Den Haag. Dat gezin week uit naar Gouda, werd verraden. Lisetje en nog twee onderduikertjes gingen naar Westerbork. Daar was ook haar oudere nichtje Lisette. Met het laatste transport op 13 september 1944 vertrokken zij via Bergen-Belsen naar Theresienstadt. Lisetje en Lisette overleefden en kwamen samen terug bij de ouders van Lisette. In Westerbork hoorde Lisette elke avond “Volgend jaar in Jeruzalem”. Het werd voor haar een obsessie, “Dáár moet ik zijn.” Thans woont een Lisette van Vlijmen in Asjkelon, Israël; misschien Lisette van Gelder-van Vlijmen. Dat verklaart denkelijk het merkwaardige krantenbericht van 5 februari 1991, waarin Mozes van Gelder (dus met officiële voornaam) is aangesteld als bewindvoerder over alle goederen van “Lisette van Vlijmen, e.v. Van Gelder, wonende te […] Amsterdam”. Onduidelijk blijft of Lisette weduwe is of gescheiden is van Leo van Gelder. Het exacte adres laten we hier bewust achterwege. Over Max (Mozes) van Gelder is minder te achterhalen. Hij woonde in 1991 in Laren. Max trouwde met Tineke Mersel. Twee zonen, Benjamin en Rogier.

Bronnen:

www.communityjoodsmonument.nl; www.yadvashem.org > Eckhart [Engelstalig]

www.maxvandam.info Stambomen van Nederlands Joodse families; http://akevoth.org

D. Mulder & B. Prinsen, Kinderen in Kamp Westerbork. Assen 1994, pp. 92v., 96, 101.                         

Nieuw Israëlitisch Weekblad via http://kranten.kb.nl/

Dijkkrant Blankenham juli-augustus 2013

Als vervolg op het artikeltje over ds. Willem (‘Wim’) van Gelder in de vorige Dijkkrant, nu een paar korte notities over de gebeurtenissen van zomer 1944 en hun gevolgen.

Overval distributiekantoor
De arrestatie van ds. Van Gelder op 18 augustus had alles te maken met de overval op het gezamenlijke distributiekantoor van de gemeenten Kuinre en Blankenham. Hoe die overval verliep, is verschillend beschreven. Ondanks die variaties is de gang van zaken goed te reconstrueren. Belangrijke bronnen:
W.H. de Vries, De Regio in de Tweede Wereldoorlog. Wolvega 1995.
N.E. de Boer, “De overval op het distributiekantoor Kuinre” op 13 juni 1944. In: De Silehammer 3/2 (april 1995) 35v. NB: de datum is fout, de overval was op 13 juli 1944.
R. Spanjaard-Visser op www.spanvis.nl geeft verscheidene versies. Op de homepage doorklikken: > Lemmer > Oorlog in Lemmer en Friesland > Straatnamen > Lemsterland in verzet Een korte versie op dezelfde site: > Friesland en zijn historie > Friese verzetsstrijders > letter M In die versie staat als naam van de geliquideerde distributiekantoorhouder Harm Jan van der Huls; dat moet zijn Harm Jan Huls.
Wat ik al vermoedde, blijkt te kloppen. Samen met de brandkast waarin de distributiebonnen zaten, is Huls begraven bij een boerderij in Echtenerbrug, de uitvalsbasis van de Friese KP (Knokploeg). In de overlijdensakte van de gemeente Lemsterland (d.d. 16.03.1945) staat: overleden: gevonden acht Maart. Het woord overleden is voorgedrukt, gevonden met de hand erachter geschreven.
Na zware marteling van KP’ers in de beruchte Crakckstate in Heerenveen werd uiteindelijk begin 1945 bekend wat er was gebeurd. Twee KP’ers werden gedwongen de brandkast en het lijk op te graven op 8 maart, en een van hen moest het lijk met water schoon borstelen. Zo is dus het lijk ‘ge-vonden’. Harm Jan Huls ligt begraven bij zijn ouders in Oude Pekela; hij werd 26 jaar.

Waarnemend burgemeester H.W. Dijksma
Afkomstig uit Giethoorn, was Hendrik Dijksma burgemeester van 25 januari 1943 tot 28 april 1945. Diverse landelijke kranten meldden eind maart 1943 dat Dijksma ervoor zorgde dat de jeugd van Kuinre en Blankenham klompen kreeg, gemaakt door een klompenmaker uit Giethoorn. Met foto bij de snorkende tekst. Zo kun je proberen je geliefd te maken in moeilijke tijden.

Ds. Bastiaan van Gelder
Willem van Gelder is op 2 juli 1942 in Blankenham bevestigd door zijn broer Bastiaan van Gelder (1909-1993), destijds predikant te Jorwerd. Opmerkelijk is ook diens levensverhaal. Bastiaan moest in 1944 onderduiken. Gedurende 215 dagen en nachten op een bijzondere plaats, in de ruimte van zijn eigen kerk, tussen het koepelgewelf en de schuine kap. Slechts een enkeling in Jorwert (Friese spelling) was op de hoogte. Oudejaarsavond 1944 werd hij opgepakt en gevangen gezet en net voor de bevrijding weer vrijgelaten. Met als alias "Boudewijn Gardenier" schreef Bastiaan van Gelder het boek: Nachtboek van een kerkuil (1990), mede gebaseerd op zijn eigen dagboek. Hij is vooral bekend van zijn leerboeken voor het godsdienstonderwijs op scholen.

Margje Brandsma
Op 19 mei 1946 nam ds. Wim van Gelder afscheid van Blankenham en vertrok naar Eindhoven. In HVIJ-kwartaalblad De Silehammer 14/4 (dec. 2006) 96 schreef A. de Dreu-Oosterhof over het huis Kerkbuurt 15: Toen ds. Van Gelder met zijn gezin vertrok uit Blankenham is Margje Brandsma met hen meegegaan. Margjen (officiële naam met -n) Brandsma is geboren 28 maart 1903.

Wederom onze vraag: wie weet nog meer details over alle genoemde personen?

Dijkkrant Blankenham mei-juni 2013

In onze regio kwam de bevrijding midden april 1945. HVIJ-blad De Silehammer besteedt daar veel aandacht aan. Zoals aan de kampervaringen van H.L. Lieve en E. Dijkhuis, predikanten van de Hervormde Gemeente Oldemarkt-Paasloo. De redactie ontving onlangs deze vraag:

Op 18 augustus 1944 werd de hervormde predikant van Blankenham gearresteerd, op verdenking betrokken te zijn geweest bij de ontvoering van een handlanger van de SD. Hij zat gevangen van 18 augustus tot 23 december 1944. Met het oog op een boek dat in het jubileumjaar van de bevrijding, 2015, moet verschijnen, ben ik op zoek naar nadere bijzonderheden.

In het onderstaande zijn algemene gegevens gehaald uit krantenknipsels.
In het Hervormd Zondagsblad heeft ergens tussen 1992 en 2002 een artikel gestaan van de weduwe van ds. Van Gelder. Die tekst heeft Annie de Vries opgenomen in haar bekende verzamelwerk: A.W. de Vries, Grepen uit de geschiedenis van Blankenham, 2002, p. 246-249.

Willem van Gelder is geboren in juli 1916 in IJsselmonde (ZH). Hij studeerde aan de RU te Leiden en begon als predikant in Blankenham, bevestigd aldaar zondagmorgen 2 juli 1942 door zijn broer Bastiaan van Gelder, predikant te Jorwerd; hij predikte zelf ’s middags over Ps. 95 / Hebreeën 3.Ds. van Gelder nam afscheid van Blankenham op 19 mei 1946, want hij had een beroep aangenomen naar ’s-Hertogenbosch. In 1949 vertrok hij naar Eindhoven en in 1966 naar Amsterdam en  werd staffunctionaris van het Prov. Ned. Herv. Vormingscentrum De Haaf in Bergen (N-H). Hij ging met emeritaat in februari 1975 en overleed in 1992.
Willem van Gelder was gehuwd met Anneke Staat. In de grote pastorie namen ze al spoedig een Joodse tweeling van drie jaar op: Max en Leo, eigenlijk Marcus en Lazarus van Gelder. Dankzij dezelfde achternaam konden de kinderen doorgaan voor neefjes van het domineesgezin. In 1943 had een Friese knokploeg het hoofd van het distributiekantoor te Kuinre ontvoerd, Harm Jan Huls. Die had een lijstje met 21 namen bij zich – ook de naam van ds. Van Gelder. Beraad van de knokploeg met de predikant. Zijn vrouw schrijft: We hebben gebeden. Mijn man keek mij aan – ik knikte voor mij heen. Toen zei hij heel rustig: “Schiet hem neer.”
Ds. van Gelder dook onder. Toen de Grüne Polizei de tweeling op wilde halen, gaf mw. Van Gelder aan dat zij die de volgende dag zelf zou brengen – Ehrenwort. Natuurlijk bracht zij de kinderen naar een ander adres, waar zij voor het laatst hun ouders hebben gezien. Ook zijzelf moest onderduiken, maar mocht zes weken voor haar eerste bevalling terug naar de pastorie. Haar man dook zo nu en dan op, was bij de geboorte van zoon Willem aanwezig en heeft het kind gedoopt.
NSB-burgemeester H.W. Dijksma dreigde. Mw. Van Gelder kreeg geen bonkaarten meer.
Zomer 1944 werd ds. Van Gelder opgepakt en overgebracht naar de strafgevangenis in Arnhem. Toen zijn vrouw in december vernam dat hij op vliegveld Deelen zat, is zij, weer hoogzwanger, op de fiets erheen gegaan en vertelde de commandant dat haar man vastzat vanwege de Arbeitseinsatz. Twee dagen voor Kerst kwam Willem van Gelder weer thuis.
Willem van Gelder was een lange man, slank en donker; zijn vrouw was juist klein van stuk.
Max en Leo hebben de oorlog overleefd. Hun ouders zijn via Westerbork naar Auschwitz gedeporteerd en op de dag van aankomst vermoord.

De vraag hierboven komt van emerituspredikant dr. Jan Ridderbos in Assen. Hij publiceerde in 2011 het rapport Nederlandse predikanten gevangen in kampen en/of omgekomen tijdens WO II. Op verzoek van prof.dr. George Harinck van de VU te Amsterdam werkt Jan Ridderbos nu aan een boek over alle Nederlandse predikanten die tijdens WO II gevangengenomen werden.

Oproep: Weet u nog bijzonderheden over ds. Willem van Gelder en zijn gezin en over de Joodse tweeling, laat het ons weten! Zo mogelijk komen we in een volgende Dijkkrant hierop terug.

Dijkkrant Blankenham maart-april 2013

Vorig jaar is de Elfstedentocht op het laatste moment niet doorgegaan. Daarom toen een artikeltje over de IJsclub “Kuinre en Blankenham” en de IJsclub “Jongelingsvereeniging” te Blankenham. De “Tocht der Tochten” op 18 januari 1963, nu vijftig jaar geleden, kreeg dit jaar veel aandacht in alle media. Bij de regionale media juist ook aandacht voor Albert Weijs uit Blankenham, die toen, op 1 januari dertig jaar geworden, als vierde eindigde, een halve minuut (!) later dan nummer drie Jeen van den Berg. In haar serie Herinneringen aan Blankenham (De Silehammer 14/3, 55) schreef Anny de Dreu-Oosterhof over Pollesteeg 8 “De Polle”: “We gaan de steeg naar beneden en dan kom je bij de boerderij van Harm Jan Weijs en Hendrikje Schaapman. Die zijn er denk ik in 1938 komen wonen. Albert Weijs kwam bij ons op school in de eerste klas. Later deed hij mee aan wielerwedstrijden en de Elfstedentocht. Wat was ik trots op hem in 1963 toen hij in de kopgroep zat bij Bartlehiem. Regelmatig hoorde je op de radio: ‘Albert Weijs uit Blankenham’. Hij is door een ongeval om het leven gekomen.” Het was bar en boos winterweer in 1963. Slechts 69 deelnemers kwamen op tijd binnen. Albert Weijs kwam als eerste aan bij de stempelpost in Sloten. Reinier Paping finishte na 10.59 uur, Jan Uitham na 11.21 uur en Jeen van den Berg na 11.23 uur. En Appie Weijs na 11.23.30 uur – een verrassende vierde plaats, zoals kranten het formuleerden. Veel sportverslaggevers hadden nog nooit van de boerenzoon uit Blankenham gehoord. Het leek er nog op Albert als derde zou eindigen, maar hij kwam ten val; trouwens, even verderop overkwam dat ook Jeen van den Berg. Onderweg had Albert een handschoen verloren en een snee in zijn kin opgelopen toen Jan Uitham bijna viel en hem al struikelend raakte. Bij de Noordwesthoekrit van 23 februari 1963 eindigde Albert Weijs eveneens op de vierde plaats. In maart 1973 behoorde Albert bij de eerste tien in het jaarklassement langeafstandswedstrijden om de Heineken Trofee, verreden als alternatief voor een Elfstedentocht-die-toch-niet-doorgaat. Op het ijs was Albert geen sprinter, maar een groot stylist, gevreesd om zijn lange slag. Herkenbaar uit duizenden reed hij steevast met een hand aan zijn kin, de andere op zijn rug.A. Weijs De wielersport was een andere hobby van Albert, ook na zijn verhuizing naar Hasselt. In 1983 kwam hij ten val tijdens een fietstrainingsritje in Vledder, waarbij hij een schedelbasisfractuur opliep. Het genezingsproces duurde een paar jaar. Toch pakte hij de draad weer op. Bij de Elfstedentocht van 1985 eindigde hij als 112-de.

Albert Weijs is ruim 54 jaar geworden. Hij verongelukte tijdens een sponsorwielertocht rond het IJsselmeer om geld in te zamelen voor een invalidenbus. Op het fietspad van de dijk Enkhuizen-Lelystad botste hij frontaal op een tegemoetkomende fietser.

Al vaker publiceerden wij in De Silehammer schaatsenmakers en schaatssport, zoals over Minne Hoekstra uit Warga (Fries: Wergea), winnaar van de allereerste Elfstedentocht op 2 januari 1909. Minne werd later predikant in Scherpenzeel-Munnekeburen. Hij tekende ook. Vier grote tekeningen hangen dankzij oud-HVIJ-voorzitter Dirk Brouwer in de PKN kerk te Ossenzijl. Mede door artikelen hierover in De Silehammer is een zeer grote tekening met Jezus en zijn discipelen gerestaureerd en nu te zien in de kerk van Wergea. U ziet het, volop aandacht voor de schaatssport en wat er omheen gebeurt in De Silehammer. Aanleiding genoeg om lid van de HVIJ te worden!

Foto: Leeuwarder Courant 14 januari 1982: Appie Weijs wint Princenhoftocht, Eernewoude

Dijkkrant Blankenham januari-februari 2013